Maarten Luther: ik kan niet anders!

1

Hier sta ik, ik kan niet anders!

Volgens de overlevering sprak Maarten Luther deze woorden tijdens de Rijksdag te Worms in 1521. Dit deed hij op 31 oktober, de dag die we dankzij Luther Hervormingsdag noemen. Ook de dag die we inmiddels associëren met Halloween, het feest dat elk jaar populairder lijkt te worden. In Nederland lijkt iedereen alleen maar bezig te zijn met verkleedpartijtjes en het beschermen van onze luxe. Hoe lauw zijn we geworden? Niet meer warm of koud, niet meer zwart-wit, maar tig tinten grijs. Waarom durven zo weinig christenen nog te staan voor waar ze in geloven? Francis Schaeffer, Amerikaans theoloog en filosoof, verbaasde zich over de gang van zaken in de 20e eeuw. Hij zegt hierover in zijn “A Christian Manifesto” en ik citeer even uit de losse pols: “Er is een hoop wetgeving, jurisdictie en jurisprudentie geweest waardoor het christelijke karakter van onze samenleving naar de zijlijn is gedrongen en waar waren de christenen? “Not only are we immoral for not standing up, we have been plain stupid!”

Luther stond voor zijn geloof, zoals de titel van deze blog zegt. Deze woorden vormen een toevoeging aan de beroemde rede: Alleen getuigenissen van de Heilige Schrift of overtuigende bewijzen kunnen mij in het ongelijk stellen. Want ik geloof noch de paus, noch de concilies alleen, omdat het zonneklaar is dat zij zich herhaaldelijk hebben vergist en zichzelf hebben tegengesproken. Ik kan alleen overwonnen worden door de Heilige Schriften die ik heb aangehaald. En aangezien mijn geweten gevangen is in Gods woord, kan ik en wil ik niets herroepen, omdat het bezwaarlijk, onheilzaam en gevaarlijk is om tegen het geweten in te handelen. God moge mij te hulp komen. Amen. Fijntjes voegt men er tegenwoordig aan toe dat Luther de woorden: “Hier sta ik, ik kan niet anders”, niet gesproken heeft tijdens deze rechtszaak, en dat zij een latere toevoeging zijn. Vervolgens lijkt het wel of men met het wegstrepen van deze ene uitspraak de volledige getuigenis van Maarten Luther ter zijde schuift.

Bij het weglopen zou hij tegen zijn vrienden hebben gefluisterd: “Het is gedaan met mij”. Hij wist namelijk vrij zeker dat men hem het zwijgen op wilde leggen, voorgoed. Zijn vrienden waren hier ook van overtuigd en namen hem in bescherming door hem te ontvoeren en een veilig onderkomen te geven op de Wartburg. De keizer en de katholieke kerk lijken namelijk inderdaad van plan geweest te zijn om hem uit de weg te ruimen. Luther wist dit en toch stond hij daar, in zijn eentje, in de rechtbank voor de keizer en de vertegenwoordigers van de kerk. De twee machtigste instanties ter wereld in die tijd. Hij stond er terwijl zij hem het liefst zagen liggen, zes voet diep onder de grond. De keizer verklaarde hem na afloop van de rechtszaak inderdaad vogelvrij.

Zo lang hij zich stil hield waren er weinig mensen die reden zagen iets te doen. Luther kon echter zijn mond niet houden, hij kon zijn ogen niet sluiten en niet negeren welke gevaarlijke onzin zijn oren hoorden. Er waren veel misstanden en soms zelfs bewuste misbruiken van macht en status in de kerk en maatschappij. Luther zag dit alles en het sneed hem door zijn ziel. In plaats van ervoor te bidden en vervolgens verder te gaan met de dagelijkse gang van zaken, bad hij en greep in.

Hij stelde een lijst op met 95 stellingen: 95 kreten die dwaalleringen en misstanden aan de kaak stellen. Hoewel het zijn bedoeling was de rooms katholieke kerk te hervormen, bleek het een scheuring in gang te zetten die tot op de dag van vandaag de geschiedenis bepaalt. Het allerbelangrijkste speerpunt van Luther was wel dat iedere gelovige individueel verantwoordelijk is voor zijn doen en laten. Geen aflaten, geen biechten, geen paus, pastoor, geen duizend ‘wees gegroetjes’, noch rozenkransen, kunnen iets afdoen aan je verantwoordelijkheid voor je daden.

Ik weet het: we zondigen allemaal, stuk voor stuk, we deugen geen van allen, niemand is rechtvaardig, u niet en ik ook niet. Desondanks ziet God de gelovige als rechtvaardig, omdat Zijn Geest in de gelovige woont. Toen Jezus aan het kruis stierf, stierf de mensheid juridisch voor God. Achter iedere naam staat ‘gestorven’ in het boek des Levens. Het verschil is dat we fysiek nog leven en nieuw leven voort kunnen brengen. In de praktijk veranderde er dus niets, maar voor God wel. Het belang van de opstanding van Jezus Christus uit de dood en de uitstorting van de Heilige Geest met Pinksteren in de harten van gelovigen, is dat op het moment dat iemand tot geloof komt, op het moment dat iemand in zijn hart tot God zegt: “Ik geloof dat Jezus Christus ook voor mijn zonden is gestorven en weer is opgestaan uit de dood”, Hij Zijn Geest in je hart geeft. Het is die Geest die vervolgens Zijn werk in je doet, die je denken transformeert. Natuurlijk, fysiek verandert er weinig tot niets. Je zondigt nog steeds, dat is wat dit vlees doet: ons lichaam is sterfelijk en aan bederf onderhevig. Maar in en door dit lichaam werkt Gods Geest. God werkt, dóór de gelovige.

Het belang van de Reformatie is niet te onderschatten. Tot op de dag van vandaag zijn het die landen waar de Reformatie een blijvend effect heeft gehad, waar het bestaansniveau het hoogste is, waar het meest waarde wordt gehecht aan de mens als individu. Dit doordat juist in die landen een cultuur is waar de mensen hun verantwoordelijkheid hebben geleerd te nemen en hierdoor in vrijheid kunnen leven.

God zegent de gelovige en dit straalt ook af op zijn omgeving, die profiteert daar van mee. Maar die zegeningen zijn geen mensenwerk. God werkt met Zijn Geest in en dóór de gelovige. Weet u niet wat u moet doen? Staat u in dubio? Moeilijke beslissingen? Dilemma’s? Het antwoord is eenvoudig en compromisloos. “Zoekt eerst het Koninkrijk van God” Matthéüs 6:32, Filippenzen 2:21, “Heb God lief, boven alles”, Lukas 10:27, Galaten 5:14 : zinnen die we kennen, maar zelden echt duiden. Luther deed dit wel en het bracht hem voor de hoogste rechters hier op aarde en hij hield zich staande. Hij vertrouwde op de Heer met zo’n volkomen vertrouwen als we tegenwoordig nog maar weinig zien.

Hoeveel mensen durven tegenwoordig nog te getuigen van hun Heer en Heiland? Hoeveel mensen durven nog kritisch te zijn op voorgangers, leraars, dominees of schrijvers? We lijken bang om de wind van voren te krijgen, om strijd te moeten voeren. Toch is dat precies wat Jezus ons oproept te doen en Hij belooft ons: “Gij zult verdrukking hebben in de wereld, maar hebt goede moed, Ik heb de wereld overwonnen”Johannes 16:33 Paulus zegt hierover een aantal keer in zijn brieven dat christenen strijders zouden zijn, niet tegen allerlei maatschappelijke misstanden, maar tegen leringen en andere onzin! Romeinen 15:30 1 Korinthe 9:25, Efeze 6:12, Filippenzen 1:30, Kolossenzen 2:1, 1 Timothéüs 1:18, 6:12, 2 Timothéüs 4:7

Luther stond voor waar hij in geloofde en het veranderde de wereld voorgoed. Johannes had dit reeds geprofeteerd: “En schrijf aan de engel van de gemeente te Filadelfia: Zo spreekt de Heilige, de waarachtige, die de sleutel van David heeft, die opent zonder dat iemand sluit, die sluit zonder dat iemand opent: Ik ken uw daden. Zie, Ik heb voor u een deur opengezet die niemand kan sluiten. Al is uw kracht gering, u hebt mijn woord bewaard en mijn naam niet verloochend.” Openbaring 3:7, 8

We zijn inmiddels een poosje verder. Het christendom in onze dagen lijkt niet meer zoveel overeenkomsten te hebben met de gemeente te Filadelfia, maar meer met die te Laodicea. We lijken zo rijk in tijdelijke dingen, maar we zijn zo arm wanneer we kijken naar de dingen waar het écht om gaat. Waar we ijverig zouden zijn voor het Koninkrijk, lijken we ons vooral in te zetten voor één of andere unie of voor onze eigen welvaart.

Het moge dan waar zijn voor de Gemeente in onze dagen in het algemeen, maar dankzij Luther weten we weer dat we verantwoordelijk zijn voor onze eigen keuzes. Laten we dan ook de volgen woorden ter harte nemen: “..schrijf aan den engel van de Gemeente der Laodicensen: Dit zegt de Amen, de trouwe, en waarachtige Getuige, het Begin der schepping Gods: “Ik weet uw werken, dat gij noch koud zijt, noch heet; och, of gij koud waart, of heet! Zo dan, omdat gij lauw zijt, en noch koud noch heet, Ik zal u uit Mijn mond spuwen. Want gij zegt: Ik ben rijk, en verrijkt geworden, en heb geens dings gebrek; en gij weet niet, dat gij zijt ellendig, en jammerlijk, en arm, en blind, en naakt. Ik raad u dat gij van Mij koopt goud, beproefd komende uit het vuur, opdat gij rijk moogt worden; en witte klederen, opdat gij moogt bekleed worden, en de schande uwer naaktheid niet geopenbaard worde; en zalf uw ogen met ogenzalf, opdat gij zien moogt. Zo wie Ik liefheb, die bestraf en kastijd Ik; wees dan ijverig..”Openbaring 3:14-19

(Bekeken: 660 keer, 1 x vandaag)
Delen via:

Over de auteur

Willem van Stempvoort

Ik ben gelukkig getrouwd, vader van 2 jongens, christen en leraar biologie en geschiedenis op een christelijke middelbare school in het midden van het land. Veel van mijn inspiratie voor mijn blogs komt vanuit deze vakken. Die bevestigen dat de Bijbel het Woord van God is.

1 reactie

  1. Willem schreef:

    “Volgens de overlevering sprak Maarten Luther deze woorden tijdens de Rijksdag te Worms in 1521. Dit deed hij op 31 oktober, de dag die we dankzij Luther Hervormingsdag noemen.’

    Is het niet zo dat hij op 31 oktober 1517 zijn 95 stellingen tegen situaties in de Rooms-Katholieke Kerk heeft gepubliceerd, dit jaar precies 500 jaar geleden, en dat daarom deze dag Hervormingsdag heet.

    “Het allerbelangrijkste speerpunt van Luther was wel dat iedere gelovige individueel verantwoordelijk is voor zijn doen en laten.’

    Luther had goede punten, maar dat gaf hem niet het recht een kerk te starten, die bevoegdheid had hij niet. Want 500 jaar later zijn er tienduizenden kerkgenootschappen gesticht door mensen die allemaal geroepen hebben “Ik kan niet anders”. Er is verwarring alom. Zijn er daarom vandaag de dag zoveel mensen die zich wel christen noemen maar niet verbonden zijn met enig kerkgenootschap? Dit is het lot van het van het protestantisme dat het uiteindelijk uiteen zal vallen in éénmanskerkjes, omdat iedere gelovige verantwoordelijk is voor zijn laten en doen. Weid mijn schapen heeft Jezus gezegd, de consequentie van Luther`s uitspraak is dat men zich zelf moet hoeden. Luther heeft zich niets van de kerkelijke overheid aangetrokken, hij is zijn eigen weg gegaan, net zoals al de anderen die ook niet anders konden.

    Romeinen 13, 1

    Alle ziel zij den machten, over haar gesteld, onderworpen; want er is geen macht dan van God, en de machten, die er zijn, die zijn van God geordineerd.
    2 Alzo dat die zich tegen de macht stelt, de ordinantie van God wederstaat; en die ze wederstaan, zullen over zichzelven een oordeel halen.

    http://www.calledtocommunion.com/2016/12/with-faces-thitherward-a-reformed-seminary-students-story/

Reageren